Onlangs gebruikte ik een metafoor over een berg, akker en dorp tijdens een loopbaangesprek. Deze metafoor is afkomstig uit de theorie van Human Dynamics, waarover later in dit blog meer. Het gesprek voerde ik met een jonge vrouw die een vakgerichte opleiding volgt. Ze twijfelde heel sterk of dit wel het beroep was wat bij haar paste en kwam bij mij om dat uit te zoeken. Ze wist niet wat ze wel wilde en ik stelde uiteraard veel vragen om zich daar meer bewust van te worden. Zo vroeg ik haar ook waar ze meer affiniteit mee had: was zij iemand die graag op een berg stond en vandaar alles observeerde en de boel overzag? Keek ze vanaf de berg naar de mensen op de akkers en in het dorp? Of was ze meer iemand die buiten aan het werk was en de akkers aan het bewerken? Of voelde ze meer affininteit met de mensen die in het dorp waren en daar samen aan het praten en werken waren? Ze gaf direct aan dat zij de meeste affiniteit voelde met degenen die zaken benaderden vanuit de positie van de berg. Later bracht ik haar in contact met iemand die een beroep beoefende wat haar erg leuk leek. Toen ze terugkwam van een bezoek aan hem vertelde ze dat ze het gevoel had dat als ze dat ging doen ze vooral bezig was in het dorp en niet meer op de berg. De metafoor hielp haar om te ontdekken waar ze zich goed bij voelde en waar niet.

 

Sandra Seagal en David Horne [VS] ontdekten meer dan 25 jaar geleden dat er fundamentele verschillen bestaan tussen mensen die verklaarbaar zijn vanuit een aantal universele gedragskenmerken. Zij spreken in hun boek ‘Human Dynamics, samen leven, samen werken’ van drie principes die in elk mens aanwezig zijn. Het mentale principe is verbonden met de geest en het denken, het emotionele principe met relaties en gevoelens. Het fysieke principe is verbonden met het doen en maken. In een persoon is één principe het leidende principe en dat zegt iets over de wijze waarop de omgeving wordt ervaren en indrukken verwerkt, het ‘hoe’. Daarna komt het tweede principe dat iets zegt over het onderwerp, waarop de persoon als vanzelfsprekend gericht is, het ‘wat’. De principes bepalen je dynamiek b.v. de emotioneel mentale dynamiek [ EM]of de fysiek emotionele dynamiek [FE] . Het eerste en tweede principe zijn over het algemeen sterker ontwikkeld. Het derde principe blijft vaak wat meer op de achtergrond en wordt gaandeweg in het leven ontwikkeld.